donderdag 20 december 2007
woensdag 19 december 2007
maandag 17 december 2007
Welcome in the big Four O!
woensdag 5 december 2007
Vandaag een eigenaardige ontdekking gedaan. Mijn hond plast om de dertig stappen. Precies.
Bij de 26e stap wordt hij onrustig en rukt hij richting potentieel plasobject, en bij de dertigste gaat zijn sluisje open. Tenzij we de straat oversteken, maar dan doet hij het wel gelijk tegen de overliggende stoeprand. Het was me in onze 6 jaar samen nog nooit opgevallen, maar nu ik dit weet roept het allerlei vragen op.
Telt hij mijn passen? Ben ik te onverschillig geweest wat betreft mijn honds plasgewoontes, of ben ik nu ineens dwangmatig aan het worden? Of is híj dwangmatig? Ga ik in het vervolg iedere keer meetellen zodat ik ook bij 26 mijn pas inhoud? Is dit normaal? Is hij eigenlijk wel gelukkig? Valt er geld te verdienen aan een tellende plashond? Gaan we met het circus mee?
zaterdag 1 december 2007
Louise: How did you get here?
Johnny: Well, basically, there was this little dot, right? And the dot went bang and the bang expanded. Energy formed into matter, matter cooled, matter lived, the amoeba to fish, to fish to fowl, to fowl to frog, to frog to mammal, the mammal to monkey, to monkey to man, amo amas amat, quid pro quo, memento mori, ad infinitum, sprinkle on a little bit of grated cheese and leave under the grill till Doomsday.
Uit de film Naked (Mike Leigh)
vrijdag 30 november 2007
ik hou van mij
Ik hou van mij, hoor je nooit zingen
Ik hou van mij wordt nooit gezegd
Maar ik hou van mij ga ik toch zingen
Want ik hou van mij, van mij alleen en ik meen 't echt.
Ik hou van mij want ik ben te vertrouwen
Ik hou van mij, van mij kan ik op aan
Ik hou van mij, op mij kan ik tenminste bouwen
Ik hou van mij en ik laat mij nooit meer gaan.
Ik blijf bij mij en niet voor even,
Ik blijf bij mij, voor eeuwig en altijd
'k ben zelfs bereid m'n leven voor mezelf te geven,
ik blijf bij mij totdat de dood mij scheidt.
ik hou van jou, zeg ik soms ook wel,
ik hou van jou, en ik meen het echt,
maar 'ik hou van jou' zeg ik alleen maar voor de spiegel
zo komt 'ik hou van jou' weer bij mezelf terecht.
Ik hou van mij, van mij, van mij en van geen ander
Want ik ben verreweg de leukste die ik ken,
Ik hoef mezelf zonodig voor mij niet te verand'ren
Ik hou van mij, mezelf, gewoon zoals ik ben.
Want 'ik hou van jou' betekent meestal
Schat, hier heb je m'n problemen, los maar op,
'k leef in een hel, ik verwacht van jou de hemel,
ja, jij geeft de hel weg, dank je wel zeg , rot lekker op.
Want 'ik hou van jou' is niet de sleutel tot de ander,
Maar 'ik hou van mij', al klinkt het bot en slecht.
Want wie van zichzelf houdt, die geeft pas echt iets kostbaars,
Als ie 'ik hou van jou' tegen 'n ander zegt.
IK HOU VAN MIJ van Harry Jekkers
vrijdag 23 november 2007
woensdag 21 november 2007
dinsdag 20 november 2007

(...) Alice lachte. "Het heeft geen zin het te proberen", zei ze. "Je kunt niet in onmogelijke dingen geloven".
"Ik kan wel zien dat je niet veel ervaring hebt", zei de Koningin. "Toen ik zou oud was als jij deed ik het altijd een half uur per dag. Ja soms geloofde ik wel zes onmogelijke dingen vóór het ontbijt."(...)
Lewis Carrol,
'Achter de spiegel.'
schilderij: John Philip Wagner
woensdag 14 november 2007
dinsdag 13 november 2007
beauty is in the eye of the beholder...
This saying first appeared in the 3rd century BC in Greek. It didn't appear in its current form in print until the 19th century, but in the meantime there were various written forms that expressed much the same thought. In 1588, the English dramatist John Lyly, in his Euphues and his England, wrote:
"...as neere is Fancie to Beautie, as the pricke to the Rose, as the stalke to the rynde, as the earth to the roote."
Shakespeare expressed a similar sentiment in Love's Labours Lost, 1588:
Good Lord Boyet, my beauty, though but mean,
Needs not the painted flourish of your praise:
Beauty is bought by judgement of the eye,
Not utter'd by base sale of chapmen's tongues
Benjamin Franklin, in Poor Richard's Almanack, 1741, wrote:
Beauty, like supreme dominion
Is but supported by opinion
David Hume's Essays, Moral and Political, 1742, include:
"Beauty in things exists merely in the mind which contemplates them."
The person who is widely credited with coining the saying in its current form is Margaret Wolfe Hungerford (née Hamilton), who wrote many books, often under the pseudonym of 'The Duchess'. In Molly Bawn, 1878, there's the line "Beauty is in the eye of the beholder", which is the earliest citation of it that I can find in print.
zaterdag 10 november 2007

'Dag olifant', zegt de porseleinkast,
'kom voorlopig maar niet meer terug.'
De olifant staat bij de deur,
maar heeft geen deurknop nodig.
Hij snuift de najaarsgeuren op-
regen ruikt hij, storm-
klappert met zijn oren, holt recht naar voren-
die porseleinkast is mijn ziel, dat wist ik al,
maar die olifant
die alweer verder dendert,
alles op zijn weg verplettert
en ook nog voortdurend om zich heen trompettert:
'Ik heb gelijk!'
wat is die olifant van mij?
Toon Tellegen
dinsdag 6 november 2007
mind the gap...
When what they meant is "notice the space between the straight line of the carriage and the curve of the platform and don't slip down it".
The true gap is the space between the world as it ought to be and the world as it is; between what you think love and marriage and babies is going to be and what it turnes out to be, and it's proper nature is Disappointment.
Anyone can fall into it, Gilda, and it is horrible down there.
Blood and pulsating; mean, spiteful and full of hate, grabbing and sucking down and grasping.
Disappointment is the mother of all nasty emotions. You want the world to be perfect and it isn't. It drives you to terrible deeds. (...)
Fay Weldon. 'Affliction'
zondag 4 november 2007
'Life is what happens while you're making other plans'
"Ok", I said to her, "sure" (...)
Barbera Wersba
vrijdag 2 november 2007

Er zijn werelden binnen werelden binnen werelden van onbekend leven en vreugde in hem. Maar iedere keer weer is er een soort natuurramp voor nodig om uit de oude wereld in de nieuwe te komen.
Er is een zeer pijnlijk afwerpen van de oude huid voor nodig. Er is een gevecht met de baarmoeder van de oude tijd voor nodig, een bittere strijd op leven en dood met de oude, warme, welbekende moeder van onze dagen (…).
Maar het komt niet uit suikerzoete sentimentaliteit voort. Het komt voort uit het zuivere, loutere, volmaakte gevecht, waar de ziel blindelings om lucht, om leven, om nieuwe ruimte vecht.
D.H. Laurence
‘Mr. Noon’
zondag 28 oktober 2007
vrijdag 26 oktober 2007
(ongeschreven)
Mijn vingers staken.
Ze zijn razend. Trommelen op mijn tafel.
Ik laat ze schrijven waarom.
Ze draaien zich om, met pen en al,
worden wit
en vals,
komen langzaam op mij af
en schrijven in mijn gezicht, met mijn dikste inkt:
ik, ik...
zondag 21 oktober 2007
donderdag 18 oktober 2007
dinsdag 16 oktober 2007
Snottebel
Dat is vol.
Thuis.
Liefde.
maandag 15 oktober 2007
juist hier, tussen de brokstukken...
wat breekt wordt kostbaarder, scherven schitteren, verdriet gaat gekleed in koude diamanten. maar het hart, wie vertelt mij waar het hart blijft groeien?
door Carla
donderdag 11 oktober 2007
aan een klein meisje...
Dit is het land, waar grote mensen wonen.
Je hoeft er nog niet in: het is er boos.
Er zijn geen feeën meer, er zijn hormonen,
en altijd is er weer wat anders loos.
En in dit land zijn alle avonturen
hetzelfde, van een man en van een vrouw
En achter elke muur zijn weer and're muren
en nooit een eenhoorn of een bietebauw
En alle dingen hebben hier twee kanten
en alle teddyberen zijn hier dood.
En boze stukken staan in boze kranten
en dat doen boze mannen voor hun brood.
Een bos is hier alleen maar een boel bomen
en de soldaten zijn niet meer van tin.
Dit is het land waar grote mensen wonen...
Wees maar niet bang. Je hoeft er nog niet in.
zaterdag 6 oktober 2007
vrijdag 5 oktober 2007
zondag 30 september 2007
liefde, 't mocht wat...
Het mocht hooguit netjes aangekleed op de bank grapjes komen maken. Geen brutale vragen, geen koffiekringen. Het mocht de naam Liefde niet eens hebben. Het mocht een apenpakje aan en kunstjes doen, -kijk uit voor de beeldjes-, vermaak... De lach schel en snel uitgestorven.
Het mocht blijven tot vlak voor het eten. Het werd verder niet uitgenodigd. Op een tienerkamer werden gedachten geniaal maar boos. Kleur en muziek gifvrolijk en gelijk volume tien.
De wereld zelf werd boos. Gaf mooie bloemen die stonken, schattige hondjes die ineens aanvielen, valsheid onder een schitterlaagje pracht. Het leek niet meer goed te komen.
Leek.
Want na jaren van het vervolmaken van het harnas, van cynisch steeds herhaalde conclusies die allang niet meer op waarde getoetst werden, veranderde de lucht. Het werd lichter.
Er waren hondjes die uitgestrekt renden door het gras. Er waren blikken met een glimlach die je anders alleen op lippen zag. Kleur van vakantie en kinderkriebelteentjes 's ochtends in bed. En niet de noodzaak om te beschermen wat liever wilde groeien, het harnas uit, het daglicht in.
Er waren ruzies nog, om oude troep wat allang niet meer bij nu hoorde. Nee, ik ben niet alleen. Nee, jij mag er helemaal zijn. Er gloorde iets.
En cynisme maakte zich groot en sleep zijn messen, scherper dan ooit.
dinsdag 25 september 2007
de komst van de spin...
Toen de driftkikker een pad werd, en in het donker van de plomp voor zich uit zat te mopperen, vond hij plotklaps een nieuw lief; de spin.
Zij was ooit heel erg mooi, zei ze, en prachtig slank, en als bewijs hing ze overal foto's op van vroeger. En nog keek ze uren naar haar weerspiegeling in het donkere water, schikte ze haar plooien, blies ze haar lippen op en hulde ze zich in rijke gewaden die de tand des tijds verhulden en toch haar ware sensuele aard deden uitkomen. Ze werd woedend als iemand onverwacht langs kwam als ze nog niet toonbaar was. Razend spinde ze een web om zijn blad heen en trok bij hem in.
De pad vond het wel best, voelde zich begrepen en wentelde zich in haar kleverige complimenten, tot hij raar en krachteloos werd, en alleen nog maar onzin uitkraamde. Maar 's nachts, en dat mocht iedereen horen, haalden ze samen bizarre capriolen uit, en noemden dat Liefde.
Arme pad.
De guppies die door de spin eerst binnengehaald werden als Eindelijk Familie, waren al snel niet meer welkom. Te druk voor de pad, vond ze. En niet goed voor de guppies zelf, liet ze de pad zeggen. Trouwens, de spin zelf had ook niet zo'n zin in jeugdigheid, ze sliep nogal lang uit en vulde haar dagen verder met langdradig praten, dus guppiegedoe kon haar gestolen worden.
En na verloop van tijd was het blad van de pad een ingekapselde vesting geworden, waar niemand meer naar binnen kon of wilde. Soms legde iemand een briefje neer, maar die werd door de spin snel weggegrist en vertaald naar haar goeddunken. Door de steeds dikker wordende dradenbrij heen hoorde je nog weleens flarden van geluid; stotend gestotter leek het, of zielepijn.
Maar de pad had gekozen, en zo kreeg iedereen wat hem toekwam; de één de fonkelende vrijheid van het open water, de ander de schimmige schemer die hem altijd al had getrokken.
donderdag 9 augustus 2007
dinsdag 7 augustus 2007
scheefgroei
Ken je dat?
Dat die gevoeligheden, die dingen in het donkerst van je hart, omhoog worden gesleurd en in felle witte woede worden verbrand? Zomaar? Dat dat de erfenis van liefde is.
Dat hetgeen liefde zou moeten zijn, de bloedband, het ouderschap, niet heilig blijkt, maar achteloos. Inwisselbaar op de reservebank; doet niet leuk mee. Dat dat het voorbeeld van liefde was.
Dat het haast alle kracht kost om ze niét gelijk te geven, niét te denken: 'waar rook is is vuur', en niet jezelf wegens bewezen waardeloosheid maar weg te gooien. Ze voor gek te moeten verklaren om zelf normaal te kunnen worden. En de liefde die jij voelde weg te stoppen, stil te maken, kwijt te raken. Niet meer te voelen.
En dat de bodem verdroogt, er scheefgroei is, die schaduwen werpt en alleen nog dorre takken draagt.
En dat er dan iemand komt die je stut, je voedt en je mooi vindt, en lief. En blijft. En dat dat liefde blijkt, wonderlijk en vreselijk vreemd.
maandag 6 augustus 2007
vrijdag 27 juli 2007
de spreker
zocht de spreker
zwijgend zichzelf weer
hij stond 's ochtends
op zijn kistje op het plein
met welluidende stem
wat hij wist te oreren
voor een groeiend publiek
zijn zinnen waren
welgevormd en stekend
naakt en genadeloos
en steeds meer mensen
stonden stil en zeiden;
"hoor hem, hij heeft gelijk"
en de spreker genoot
voelde zich zwellen, werd
langer dan zijn lengte,
ach wat een heerlijk gevoel
z'n stem werd zo rond als
z'n verhalen
en toen in de stilte
van een korte ademteug
vanuit de menigte zacht "waarom" klonk
een argeloos deel van een
overschreeuwde zin
toen waren al zijn woorden weg
hij had geen antwoord
alleen vragen en
wijzende vingers
en de kist versplinterde
onder dit gewicht
en voor hij het wist werd de spreker
net zo'n vrager, zo'n verlanger
als ieder ander...
woensdag 25 juli 2007
proces-verbaal
Vraagt u zich weleens af waar wij Hare Majesteit de Koningin Beatrix zich zoal mee bezighoudt? Wat zij daadwerkelijk doet voor haar royale uitkering, op het simpelweg Beatrix-zijn na dan? Nou, ik heb nieuws, een skoep zelfs, mij ingefluisterd door welingelichte bron verbalisant 9625 himself terwijl hij mijn bekeuring uitschreef.
Bea houdt loslopende hondjes in de Paleistuinen in de gaten, en als ze er één spot stuurt ze er gelijk de juut op af.
"De meldingen komen uit dat gebouw daar", zei de agent wijzend op het paleis, terwijl mijn Sammie moe maar tevreden, inmiddels weer aan de lijn, stond uit te hijgen, en ik mijn adresgegevens overhandigde. Dát, beste mensen, is dus wat ze in dat prachtige Paleis Noordeinde doet, als de Koninklijke oranje vlag wappert en de marechaussee in weer en wind op wacht staat om haar te beschermen tegen gespuis. Ze zit zich voor het vensterraam stierlijk te vervelen en wou dat er geen hondjes zijn die samen kunnen spelen.
Let wel, het gaat niet om poepende hondjes, en hun onbeschaamde baasjes die de drollen gewoon laten liggen zodat u en ik daar in zouden kunnen staan, waardoor we ons weer kunnen wentelen in ergernis nummer één in dit land (-óók al niet verzonnen-), wat natuurlijk heel verschrikkelijk erg is en irritant bovendien.
Neen. Het gaat om losse hondjes, die achter ballen en stokken aan rennen op het uitgestrekte gazon, en kwispelen en spelen. Óngehoord!

Nu heeft de Koningin Herself ook diverse hondjes, die door de Koninklijke Hondenuitlaatster, een keurige, onberispelijk gekapte dame in een lange loden jas met een wat zorgelijke tred, in diezelfde Paleistuinen worden uitgelaten. Aan de lijn, dat spreekt. Die hondjes rennen dus niet, die waggelen op korte kromgegroeide pootjes. En ze blaffen. Doorlopend. De Hondenuitlaatster zegt daar wel wat van, maar ze luisteren niet. Van die kleine peper-en zoutkleurige borstelige beetje boos-ogende Terriërs zijn het, ongetwijfeld met een klinkende stamboom en uit een goed nest, dus stervensduur en helaas inmiddels doorgefokt.
Ziet u ook het cliche dat honden op hun baasjes gaan lijken: de koninklijke terriër, te dik, chagerijnig doch beschaafd blaffend en steeds, altijd en continu aan de lijn. En dan Sammie, de bastaard-scharrebak met z'n nerveuze gestel en z'n kapsones die, bloedirritant, de hondenriem altijd in de knoop krijgt omdat hij dan weer links, en dan weer rechts wil, dan weer even bezig is en niet door wil lopen, en dan weer iets razend interessants in de verte ruikt wat hij echt even moet checken... Die het leukst is als hij lijn-loos, als hij vrij is. Bea en ik, we zijn echt een ander ras. Maar aan de riem worden we alletwee strontvervelend.
maandag 23 juli 2007
zo, dus dit is liefde...?
vrijdag 20 juli 2007
woensdag 18 juli 2007
schaamteloos geciteerd...

Helga Ruebsamen, 'De kameleon'
'...Die ellende was naar mijn gevoel de orde, waaraan de miljoenen zich onderwierpen- die orde, waarin de woonbunkers in rijen per seconde worden gebouwd, waarin het menszijn wordt gekleineerd tot een advertentie.
Ik was bang voor de energieke onrust, waarmee men zichzelf en anderen naar een dubieus einde toe stuwt.
En een god, een god bleek ook al niet voldoende te zijn om de onrust tot bedaren te brengen. Ik zag ze kiezen, met voorzichtige vingers, alsof ze een talisman voor hun auto uitzochten. Een god als paraplu, een god als wandelstok, een god als zakdoek om in uit te huilen, een god met tapvergunning...'
http://www.stelling.nl/landmark/bronnen2.htm
http://www.culthelp.info/index.php
http://www.stelling.nl/landmark/
dinsdag 17 juli 2007
de fonkelverse wereld van de BLOG

...en aldus, lieve medemens, neem ik de vrijheid om u te vergasten op mijn persoonlijke mentale toestand in het huidige hier en nu. Benieuwd? Trappelend van ongeduld?
Wat me naar de zich-opdringende mijmer brengt: welke ontboezemingen zijn überhaupt 'web-waardig'? Wat wilt u lezen, beste lezer? Trouwens, waarom zit u achter de computer, en maakt u niet een fijne wandeling door het bos of iets dergelijks. Goed voor de hart- en bloedvaten, uitstekend tegen RSI... Dat ge-binnenzit ook altijd! Het is verdorie hartje zomer! En nu we het er toch over hebben, waarom doe ik dat zelf niet? Há. Daar heb ik me. Bedankt voor de aandacht, het was gezellig, doen we gauw weer!
















